Wining & Dining

Gijs Naber:
"Vlezige jetsers... wat een rijkdom!"

Een balans tussen haute cuisine en een prettig gesprek, wie wil dat niet? Tijdens een serie culinaire ontmoetingen schuiven stuntproevers De Gooijer & Kappelle aan voor een uitbundig noenmaal. Gast aan tafel is telkens een coryfee met een verrassend lunchverhaal. Begin dit jaar deelde het dolle duo de dis met acteur Gijs Naber. Plaats van handeling: restaurant De Nederlanden* in Vreeland.

Tekst: Floris Kappelle & Rijk de Gooijer
Fotografie: Esther Quelle

Als in een film komt de donkere limo aanrijden. In slow motion draait hij het parkeerterrein op bij de rivier die traag aan ons lome oog voorbij stroomt. Een eindje verderop verbreekt een opzichtige Bimmer de serene stilte met remproefjes op het grindpad. Dat moet Rijk de Gooijer zijn. En jawel, de partieel beschaafde gedoogboer heeft een verse voiture onder den kont en dat moeten we weten. Cool als een komkommer parkeert onze vaste chauf Danny Ravesteijn van Drive Security zijn bolide op veilige afstand. Vormelijk opent hij het portier en laat hij onze lunchgast uitstappen. Is het Holleeder? Is het Willem-Alexander? Bijna goed, het is Gijs Naber, de steracteur met twee Gouden Kalveren in de pocket. Gijs houdt van lekker eten, dus dat komt goed uit.

Topleague

Statig rijst de historische herberg van De Nederlanden op aan de oever van de sloom ogende Vecht. Het vredige dorpje Vreeland biedt op twintig minuten van de hoofdstad een Anton Pieckesque decor van verstilde rust. Hier is het fijn toeven in de capabele handen van gastvrouw Caroline en patron-cuisinier Wilco Berends. Samen hebben ze van hun paleis een geweldige plek gemaakt voor veeleisende gastronomen. En dat zijn wij. Gijs is zojuist terug van opnames voor een grote Europese film, The Story of My Wife, een liefdesdrama met een internationale sterrencast, starring Bond-girl Léa Seydoux. Topleague dus. Gijs: “Heel speciaal om met haar samen te werken. En met een regisseur die recent het Film Festival Berlijn won. Allemaal dik in orde dus. Je doet dan een heel andere ervaring op. In Nederland worden heel toffe dingen gemaakt, maar alles moet snel, snel, snel. Voor weinig. Dat gaat wel eens ten koste van de kwaliteit.

Hopelijk komt daar een kentering in, dat men inziet hoe belang- rijk investeren is.” Tijd voor een toost op de voorspoed van de vaderlandse cinema. “Ach,” mompelt Rijk, “het Nederlandse publiek is sowieso een belediging voor de filmwereld.” En hij kan het weten… als koning van de bijrol: “Alleen voor de leuk.” Voor het eerst de hoofdrol in een Engelstalige film. Gijs is internationaal aan het doorbreken: “Ik zoek naar manieren om mezelf elke keer uit te dagen. Gelukkig ben ik gezegend met de rollen die ik tot nu toe heb gedaan. En die zijn heel divers.” Op zijn cv zien we een breed scala aan rollen: boeven (Penoza, Bellicher, Judas), helden (Redbad, Tulipani), mafkezen, idealisten en ook de koning. “Al die boeven die ik speel? De duistere kant van dat soort types spreekt mij aan.”

Schimmige wereld

Er volgt nog meer voorspel: Thaise kipsalade met krokante kippenhuid. Rijk steekt zijn lepel er lekker diep in: “Dat hoort zo”, weet onze partieel geschoolde schavuit uit de provincie heel zeker. Gekleed in een jasje van het Warenhuis van het Verleden weet hij Gijs een daverende lach te ontlokken: “Bij elkaar gespaard, met jaspunten.” We switchen naar de glansrol van Gijs als Holleeder in de serie Judas: “Nee, nooit ontmoet. Het is een schimmige wereld, de zelfkant, best spannend. Het leuke aan dat soort rollen is dat je met zo’n personage twee kanten op kan gaan. Alleen maar de slechterik spelen wordt saai. Maar als je het publiek ook op een ander been kan zetten, dat een soort sympathie ontstaat, dan wordt het interessant. Die dubbelheid maakt zo’n rol heel intrigerend. Je moet schakelen tussen enerzijds het dreigende, het manipulatieve, die emotieloze kilheid, en anderzijds het vriendelijke. Voor een acteur is dat heel uitdagend om te doen. Zeker ook omdat iedereen er een mening over heeft.”

Sextet zeevlees

We zijn toe aan wijn en Rijk mag proeven: “Geurige neus, sappige slok, speels op de huig. Ik gok Riesling.” En jawel, het is een Von Winning 2018 uit de Pfalz. Ondanks Rijks blatante gebrek aan ambitie legt hij een onverhoedse wijnkennis aan de dag. Net zo verrassend is de oesterproeverij die ons komt verblijden. “Dit ziet er echt geweldig uit, wat een rijkdom!” Gijs blijkt een liefhebber. Het ensemble van zes Gillardeaus is listig vermomd: met noord- zeekrab en citrus; met cannelloni, zwarte bonensaus, shiitake en bosui; op een zeemeermin met grapefruit en zeekraal; met Thaise kokoscrème, bos- peen en kroepoek; met eendenlever en kippenhuid; met kaviaar en sorbet van granny smith, wodka en bladgoud. Een feest van smaken, een kietel voor de tong. Geniaal visueel uitgevoerd, een echte classic, en dat buiten de kaart. Gijs geniet: “Vlezige jetsers! Heel bijzonder hoe ze deze smaken zo goed weten te combineren. En bloemrijk omschrijven. Dat is echt een kunst.” Een wijze les, zeker voor Rijk die met zijn kleverige vingertjes de weekdiertjes in één keer naar binnen werkt: “Ja hoor, daar gaat-ie… en zlurp!” Als entree is dit sextet zeevlees zonder meer een knaller. Tikje eclectisch en dat mag ook wel. De oester heerst.

Gulzige graaiers

Op school was Gijs altijd de leukste, vol grappen en grollen. Toen hij dat kanaliseerde en naar de toneelschool ging, wist hij het: ik moet acteur worden. “Spelen an sich is één ding. Maar wat betekent het? Wat doe je ermee? Wat is je engagement? Ik ben best serieus over mijn vak. Ik zie het niet als iets vrijblijvends. Het acteur-zijn stelt eigenlijk niet zo veel voor. Als ik dat lekker zou vinden, zou ik mezelf wel in de schijnwerpers zetten. Weinig rode lopers dus, tenzij het mijn ei- gen rode loper is, of die van Thekla. Feestjes afstruinen, dat doen wij niet.” Wel wordt de rode loper nu uitgerold voor een tamme duif die plots binnentrippelt. Helemaal uit de Anjou en op zijn karkas gebraden met jus van specerijen. Een pièce de résistance van jawelste. Gijs is onder de indruk: “Kijk, een koperen pannetje met jus! En dat gat in de steel, dat is niet om hem aan op te hangen, maar om je lepel in te zet- ten.” Een leuk weetje waar Rijk van opkijkt: “Wist ik niet, maar ja, wij society-boeren zijn met andere dingen bezig.” Waarmee blijft onduidelijk, terwijl Gijs zich ontfermt over de werkelijk subliem bereide duif met polenta, sjalotjes, knolselderij met appel en gesauteerde en met madera afgebluste eendenlever. Een ultiem zwijmelgerecht voor de ware fijnproever die niet moeilijk doet over bepaalde ingrediënten.

Naspijs lonkt. Er verschijnt een kersendessert, waarin de lokaal ge- plukte steenvrucht zich in verschillende gedaantes aan ons openbaart. Als sorbet, als panna cotta, als schuim, als mousse met gemberbier, als vloeiende vulling en met kwark en witte chocolade. Alles even weelderig op de tong. Jammer alleen dat Rijk deze fruitmand in één keer naar binnen werkt: “Ja, ik ben heel erg. Geheel per ongeluk staan wij De Gooijers in het Gooi bekend als gulzige graaiers.” Negeren is nu het beste. Bovendien volgt er nog een soufflé met roomijs van specerijen. De Nederlanden brengt gerechten die zeer goed ogen. Opvallend is de gelaagdheid van de gastronomie in alle facetten. Presentatie: sterk en geen liflafjes. Er moet wel gegeten worden. Men blijft niet hangen in amuses en zalfjes, maar stoomt subiet door naar serieuze gerechten vol verfijning en inventiviteit. Weergaloze cuisine. “Geen opvulsnek maar eerlijke spullen”, besluit Rijk terwijl hij opstaat om te vertrekken. Hij heeft een afspraak met de hondentrimmer: “Niet dat ik een hond heb… ’t is voor mezelf.” Een laatste schater begeleidt de man naar de uitgang. Tevreden en blij grijnst Gijs van oor tot oor. Wat een mooie middag, wat een geweldige lunch, wat een heerlijk gezelschap. En zo was het.

Lees het volledige interview in LXRY Magazine

Benieuwd naar de rest van het interview met Gijs? Het interview lees je in de laatste editie, te bestellen via de onderstaande knop.

LXRY Magazine #41