People & Finance

'De Kruiwagen Van...'
Bart-Jan Brouwer

'De Kruiwagen Van...' is terug van weggeweest met dit keer Bart-Jan Brouwer, hoofdredacteur van LXRY Magazine, in de hoofdrol. Vanaf 26 maart is LXRY Magazine #41 uit en aan al haar inhoudelijke reportages, fotografie, hotspots en trends, staat Bart-Jan sinds 2012 aan het roer. Al geruime tijd een hechte band met LXRY dus, maar wie gaf hem de schrijverspen in handen?

Tekst: Mical Joseph
Beeld: John van Helvert

Wat was jouw allereerste baan?

“Mijn allereerste baantje, op mijn twaalfde, was acteur in de historische dramaserie Dynastie der Kleine Luyden van Willy van Hemert. Mijn moeder was regisseur bij de TROS en had hem weleens een foto van mij laten zien. Je zou het niet zeggen, maar ik was destijds een beeldig jongetje met een kop vol blonde krullen. Tijdens de opnames maakte ik de gekste dingen mee. Zo was er een watersnoodscène, opgenomen aan de Wijde Blik in Loosdrecht, waarbij ik uit het ijskoude water werd gered. Het stormde en plensde, en de scène moest steeds over, brr. In een caravan werd ik warm gehouden met dekens en kleine slokjes cognac. En in een Duitse kloostertuin moest ik op een ongezadeld paard over lakens galopperen die op het gras lagen te drogen. In een manege valt een paard nog wel te sturen, maar in de drukte van nonnen en televisiemensen sloeg mijn paard op hol en zwiepte mij van zich af. Met als gevolg een gekneusde arm en een stand-in die het van mij overnam. De jaren erna was ik tijdens schoolvakanties productieassistent bij televisieprogramma’s als Te Land, ter Zee en in de Lucht. Wat mij vooral is bijgebleven zijn de opnames in de Beekse Bergen, waarbij een zangeres met een luchtballon opsteeg en ik haar weer moest zien terug te brengen. Ik had net mijn rijbewijs en scheurde de snelweg op, de luchtballon niet uit het oog verliezend. Op een gegeven moment zakte hij achter de bomen. Ik een bospad in. De ballon ging lager, ik sneller. De zangeres landde bij een boerderij, waar ik haar uit de modder haalde en naar de auto tilde. Toen ik mijn middelbareschooldiploma behaald had, ging ik naar Nyenrode Business University. Ik koos hiervoor omdat ik goed kon leren, zo haalde ik het maximale eruit en had ik na mijn studie een breed spectrum aan keuzes.”

Ijs uit het ijsbergenmeer in IJsland

En toen?

“Nadat ik mijn MBA had behaald, ging ik het bedrijfsleven in. Na gesnuffeld te hebben bij Bührmann-Tetterode werd ik aangenomen bij Siemens Data als junior sales manager. Ik woonde in Hilversum en reed elke dag op en neer naar Den Haag. Elke dag file, elke dag tijd om na te denken. Ik had de leukste collega’s, maar het werk vond ik niet bevredigend. Is dit dan het leven?, vroeg ik me af. In de auto speelde ik veel muziekcassettes. Op het album American Prayer van The Doors zegt Jim Morrison:

“Did you have a good world when you died? Enough to base a movie on?”

Dat zette mij aan het denken. Ik leefde in een saai script, vond ik. Geen spannende film. Een andere wake-upcall was de documentaire Koyaanisqatsi, ‘leven in onbalans’ in de taal van de Hopi-indianen. Op muziek van Philip Glass zie je eerst de onaangetaste aarde. De camera glijdt traag over woestijnen, ravijnen en uitgestrekte vlakten. Dan grijpt de mensheid in – de muziek gaat in een steeds hoger tempo. Je ziet hoe technologie de wereld verandert – de beelden gaan steeds sneller. Van gebouwen die verrijzen, overvolle pleinen en eindeloze verkeersstromen. En elke dag stond ik ook in die eindeloze files. Dit was niet het leven dat ik wilde, besloot ik, en zo kwam een einde aan mijn tijd als zakenman. Tijdens mijn zoektocht naar wat ik dan wel wilde, ontmoette ik een Engelsman die tijdelijk geen onderdak had. Een creatieve, leuke knul. Ik bood aan dat hij bij mij een nacht op de bank kon slapen. Dat ene nachtje werd een half jaar. Toen hij weer vertrok gaf hij mij uit dank een cameraatje cadeau. Ik had nog nooit gefotografeerd, maar vond het leuk! Ik ging een cursus volgen, investeerde in een professionele Nikon en oefende in het Amsterdamse nachtleven met al zijn kleurrijke en extravagante partygoers. Ik gaf een expositie in De Melkweg, had een vaste beeldrubriek in een Japans tijdschrift en werd reporter van verschillende muziekbladen.”

Hoe ben je in je huidige werk terechtgekomen?

“Via via kwam ik terecht op een privéfeestje van Patty Brard. Ze was net een eigen magazine begonnen en het leek mij leuk om daarvoor te fotograferen. Ik sloop naar haar werkkamer en legde daar een tweeregelig sollicitatiebriefje op haar bureau. Patty en ik kwamen na deze avond in contact en gingen samenwerken. We struinden de rode lopers af en hadden de grootste lol. Het was van korte duur, maar het betekende wel het begin van mijn journalistieke loopbaan. Ik kreeg heel verschillende opdrachten, variërend van een shoot voor Playboy tot een rondreis door Europa met een fisheye camera. Uiteindelijk bleef ik hangen op de redactie van Penthouse. Dat was tien jaar lang onversneden rock-‘n-roll. Toen ik een gezin begon, vond ik het tijd om dit turbulente bestaan achter me te laten. In 2007 kwam ik binnen bij Gijrath Media Group, het latere LXRY Media Group, als eindredacteur van Miljonair en begin 2012 werd ik hoofdredacteur van LXRY Magazine.

In een microlight boven de Victoriawatervallen in Zambia

Per helikopter gedropt op vulkaaneiland White Island in Nieuw-Zeeland

Olifanten voeren in Zuid-Afrika

Wie was daarin jouw kruiwagen?

“Ik heb eigenlijk geen echte kruiwagens in mijn leven gehad, het waren eerder inspiratiebronnen die mij verder brachten: Jim Morrison, Koyaanisqatsi. Wie mij bovendien inspireerde, was mijn hoofdredacteur bij Penthouse, Peter Yeh. Hij was het tegenovergestelde van mij: ik was altijd de harde werker, heel erg gedisciplineerd; hij was de vrolijke creatieve vogel die met volle teugen van het leven genoot. Hij heeft mij gewezen op het belang van joie de vivre, de balans zoeken.”

Wat is je allergrootste passie in je vak?

“Het leuke van dit werk is dat ik zo veel boeiende mensen ontmoet – ondernemers, chefs, kunstenaars en boeiende persoonlijkheden als Louis van Gaal, Daan Roosegaarde, Joost Zwagerman en Gordon –, dat ik zulke bevlogen freelancers en collega’s om me heen heb, dat ik zo veel unieke plekken in de wereld zie, onder meer voor reisreportages: dat zijn écht cadeautjes. Het binnenhalen van fotografie samen met mijn vaste fotograaf John van Helvert en het gaandeweg werken aan de totstandkoming van een mooi artikel en uiteindelijk een magazine waar ik van de eerste tot de laatste pagina trots op ben, daar ligt wel mijn grootste passie.”

Bij -32 graden in Fins Lapland

Wie zou je nog willen interviewen?

“Mijn hart gaat uit naar voetbal, dus ik zou graag nog topvoetbalcoaches als Peter Bosz, Jürgen Klopp en Pep Guardiola willen spreken.”

Wat is het grootste leermoment geweest in je carrière?

“Bij Penthouse kromp de redactie in de loop der jaren van zes naar twee. Dan denk je: hoe redden we het? In zulke situaties kom je erachter dat je meer kunt dan je denkt. Je moet niet bang zijn voor het volgende level. Bij Penthouse heb ik op die manier alle facetten van het bladen maken geleerd. Na een interview met Kane of Geert Wilders, pakte ik mijn camera voor de fotografie, waarna ik het artikel zelf opmaakte. Alleen de distributie deed ik niet zelf.”

Welk advies zou jij je 18-jarige zelf geven?

“Geloof in jezelf en jaag je dromen na. Zodat je later, als je terugkijkt op je leven, kunt zeggen: daar kan ik een spannende film over maken!”